Het effect van hart- en vaatziekten op breingezondheid.
Hart- en vaatziekten worden vaak gezien als een probleem van het hart, maar ze hebben ook grote gevolgen voor het brein. De bloedvaten van je hart en die van je brein maken deel uit van hetzelfde systeem. Als dat systeem schade oploopt, raakt dat vrijwel altijd beide.
Mensen met hart- en vaatziekten hebben in onderzoek een hogere kans op cognitieve achteruitgang en dementie. Daarom zijn deze aandoeningen opgenomen als belangrijke risicofactor binnen de LIBRA-score voor breingezondheid.
Onder hart- en vaatziekten vallen aandoeningen waarbij de bloedvaten of het hart zijn beschadigd, zoals:
vernauwingen in de kransslagaders
een doorgemaakt hartinfarct
angina pectoris, pijn op de borst door zuurstoftekort
behandelingen zoals dotteren of het plaatsen van een stent
Deze aandoeningen wijzen erop dat het vaatstelsel kwetsbaar is, niet alleen in het hart, maar ook richting het brein.
Gedeelde kwetsbaarheid van bloedvaten
De processen die zorgen voor vernauwing en verstijving van de vaten in het hart, spelen ook in de bloedvaten die het brein van bloed voorzien. Aderverkalking is geen lokaal probleem, maar een systeemprobleem.
Verminderde doorbloeding
Beschadigde vaten kunnen minder goed inspelen op wat het brein nodig heeft. Dit kan leiden tot tijdelijke of blijvende tekorten aan zuurstof en voedingsstoffen, met gevolgen voor geheugen en aandacht.
Grotere kans op beroertes
Hart- en vaatziekten verhogen de kans op herseninfarcten en hersenbloedingen. Deze kunnen direct leiden tot cognitieve problemen, maar ook kleine, stille infarcten dragen bij aan langzame achteruitgang.
Samenhang met andere risicofactoren
Hart- en vaatziekten gaan vaak samen met hoge bloeddruk, diabetes en hoog cholesterol. Deze combinatie versterkt het risico op cognitieve achteruitgang.
“Mijn hartprobleem staat los van mijn brein”
Hart en brein zijn via het vaatstelsel direct met elkaar verbonden. Wat de bloedvaten schaadt, raakt beide organen.
“Als het hart behandeld is, is het risico voorbij”
Behandeling verlaagt risico’s, maar de onderliggende vaatkwetsbaarheid blijft vaak aanwezig. Blijvende aandacht voor leefstijl en controle blijft belangrijk.
“Na een hartprobleem moet ik vooral rust houden”
Rust is soms nodig, maar langdurige inactiviteit is ongunstig. Beweging op maat is juist onderdeel van herstel en bescherming van breingezondheid.
“Stress na een hartprobleem hoort erbij”
Angst en stress komen vaak voor na een hartprobleem, maar langdurige stress belast het brein en het vaatstelsel. Aandacht hiervoor is belangrijk.
Volg medische adviezen zorgvuldig op
Medicatie zoals bloedverdunners, cholesterolverlagers of bloeddrukmedicatie is bedoeld om nieuwe schade te voorkomen. Regelmatig gebruik en controle zijn belangrijk.
Blijf bewegen binnen je mogelijkheden
Beweging verbetert de conditie van bloedvaten en ondersteunt herstel. Dit kan onder begeleiding, bijvoorbeeld via hartrevalidatie of een aangepast beweegprogramma.
Let op voeding en leefstijl
Een voedingspatroon met veel plantaardige producten, weinig verzadigd vet en weinig bewerkt voedsel ondersteunt zowel hart als brein.
Besteed aandacht aan stress en herstel
Ontspanning, slaap en het omgaan met onzekerheid na een hartprobleem dragen bij aan stabiliteit van het lichaam en breingezondheid.
Extra ondersteuning kan helpen als:
angst of onzekerheid het dagelijks leven blijft beheersen
bewegen lastig voelt zonder begeleiding
meerdere risicofactoren samenkomen
De huisarts of specialist kan meedenken over passende begeleiding.
We hebben bij Remind de 15 belangrijkste beïnvloedbare factoren voor je verzameld. Je kunt ze ieder afzonderlijk bekijken en lezen wat de manieren zijn om hier mee om te gaan:
Veelgestelde vragen


